online-shop   forum  



  

DE MEDICINALE BLOEDZUIGER

 

 Op het eerste zicht lijkt het misschien niet echt compatibel met de moderne geneeskunde, maar bloedzuigers maken wel degelijk terug een inherent deel uit van de hedendaagse gezondheidszorg.

 

egelStock Al sinds de tijd wanneer mensen zich voor het allereerst begonnen te verdiepen in de kunst van het genezen, hebben medicinale bloedzuigers (Hirudo medicinalis) steeds een belangrijke rol gespeeld. Er wordt zelfs verondersteld dat ook dieren genieten van de geneeskrachtige eigenschappen van medicinale bloedzuigers. Het Duitse woord voor bloedzuiger, “Egel” is afgeleid van het Griekse echis, wat kleine slang betekent. Er is zelfs sprake van dat de slang op de bekende staf van Asclepius in feit een bloedzuiger hoort te zijn. Wat er ook van zij, de bloedzuiger is omwille van zijn genezende krachten al heel lang gekend. Bij oude Germaanse volkeren bijvoorbeeld stond de term “bloedzuiger” synoniem voor “genezer”. Dhanvantari, de Indiase god van Ayurveda, draagt een bloedzuiger in één van zijn vier handen. In de middeleeuwen stonden in Engeland genezers bekend als “bloedzuigers”.

 

 Na een gedwongen onderbreking van nagenoeg 100 jaar, die ongeveer duurde tot het jaar 1975 (een gevolg van de frequente excessieve behandelingen van de 19de eeuw, wat toen vampirisme genoemd werd, maar ook een gevolg van de beperkte kennis en de vooroordelen die toen heersten), hebben bloedzuigers als het ware opnieuw “een vergunning om geneeskunde te beoefenen” als genezers en levende apotheken.

 

 De diertjes werden opnieuw ontdekt door de reconstructieve plastische chirurgie toen in de jaren 80 het afgerukte oor van een jongentje pas weer kon worden aangehecht na het toedienen van bloedzuigers. Sindsdien spreken we van een renaissance wat betreft het gebruik van bloedzuigers in de geneeskunde. De moderne biochemie is er achter gekomen welke actieve farmaceutische stoffen en mechanismen zich in het speeksel van de bloedzuigers bevinden. In die mate zelfs dat de vroegere twijfel betreffende de geneeskrachtige efficiëntie van de bloedzuigers nagenoeg volledig verdwenen is en de vooroordelen tegen dergelijke behandeling als zou het gaan om middeleeuwse kwakzalverij, zijn op hun beurt naar het rijk der fabelen verwezen. Deskundigen hebben zelfs het belang van Hirudin, samen met de farmaceutische stoffen in het speeksel, vergeleken met dat van penicilline, al hebben de twee natuurlijk compleet verschillende effecten.

 

 Deze bloedzuigende diertjes hebben lange tijd te kampen gehad met vooroordelen. Dat is begrijpelijk voor wie met hen weinig vertrouwd is, maar de realiteit komt hoegenaamd niet overeen met het negatieve beeld dat men tot op vandaag heeft van de bloedzuiger. Hun reputatie kan moeilijk slechter zijn. Jammergenoeg zijn bloedzuigers niet alleen bekend om hun geneeskrachtige eigenschappen, maar ze worden ook wel eens gestigmatiseerd als boosaardige vampieren. Wanneer we hen vergelijken met mensen, zien we echter dat ze een erg tolerant leven leiden.

  • Het zijn geen veelvraten. Aan één maaltijd hebben ze genoeg voor 1 tot 2 jaar. (Wie van ons kan dat zeggen?)
  • Ze leven enkel in heel zuiver water.
  • Ze zijn erg mooi om naar te kijken. De vormen op hun rug zijn uitzonderlijk en hun elegante zwemstijl doet sterk denken aan dolfijnen.
  • Hun beet doet niet echt pijn. Meestal veroorzaakt die slechts een kleine irritatie.
  • Ze reinigen de stervormige wondjes die ze veroorzaken.
  • Hun speekselklieren bevatten geen pathogenen.


 Tijdens de voorbije 450 miljoen jaar (daarna raken we hun spoor bijster), hebben ze ondanks de vooroordelen constant hun genezende krachten geïnnoveerd en ontwikkeld en dat specifiek gericht op zoogdieren – waaronder de mens dus!